Categoriearchief: Atletiek

Wat is de juiste sportvoeding

Met de juiste voeding verbeter je je atletische prestaties. Of u nu hardloopt, voetbal of fitness, uw voeding voor, tijdens en na uw training of wedstrijd is van cruciaal belang voor uw resultaten.

In de sportwereld worden veel verhalen en halve waarheden verteld. Daarom is het belangrijk dat u advies inwint bij een specialist. Uiteindelijk baseert hij of zij zijn advies op gedegen wetenschappelijk onderzoek.

Een goed advies kan veel voedingsklachten voorkomen. Denk aan maag- en darmklachten of hongergevoel. Zonder deze klachten doe je het gewoon beter.

Alle mensen zijn verschillend
Uw dieet is heel individueel. Uw trainingsprogramma, levensstijl en leeftijd bepalen grotendeels uw behoefte aan voedingsstoffen zoals eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines en mineralen.

Zo eet en drinkt een marathonloper voor, tijdens en na duurtraining anders dan tijdens intervaltraining. En een mogelijke marathon vraagt ​​natuurlijk om een ​​ander dieet. Maar zelfs met minder inspanning kan voeding veel voor u betekenen.

Hoe zorg je ervoor dat je dagelijkse voeding aansluit bij je trainings- en wedstrijdprogramma? En dat je tijdens het sporten geen klachten hebt? Het is niet eenvoudig. Hiervoor heb je uitgebreide voedingskennis, sportkennis en veel ervaring nodig! Een voedingsdeskundige helpt je hierbij.

Voor meer tips over voeding kijk ook eens op goede-voeding.nl of sportfanaten.nl


Tips voor kiezen sportkleding

Een gezonde levensstijl is waar steeds meer Nederlanders naar streven. Steeds meer mensen tonen hun goede bedoelingen en zijn te vinden in de sportschool of aan het sporten. Een gezonde levensstijl is een echte hype geworden. Zeker in deze coronatijd is sporten belangrijk. Deze trend is niet alleen gunstig voor de gezondheid, maar ook voor de verkoop van sportkleding. De vraag naar sportkleding is anno 2021 groter dan ooit. Bovendien is het dragen van trainingspakken en sportschoenen voor heren niet langer alleen voor de sportschool, maar we zien dat steeds meer mensen ze ook als dagelijkse kleding gebruiken. Ben je op zoek naar nieuwe sportkleding? Maar zie je door het brede aanbod niet meer waar je op moet letten? Hier zijn 3 tips om snel de juiste sportkleding te vinden

1.Wat voor soort sport ga je doen?

Allereerst is het belangrijk om de functie van de sportkleding te definiëren. Welke sport ga je doen? Wat vind je leuk en wat zijn de eisen?

Op basis van deze gegevens kunt u uw eigen keuze maken. Houd ook rekening met uw persoonlijke voorkeur. Draag je bijvoorbeeld graag loszittende kleding? Dan is dat gewoon mogelijk. Sportkleding hoeft niet strak of kort te zijn. Het aanbod is erg groot. Het is vooral belangrijk dat u zich prettig voelt in uw kleding. Als je constant het gevoel hebt dat je de kleding van iemand anders draagt, heeft dit ook invloed op je sportprestaties. Blijf daarom dicht bij jezelf en kies wat jou plezier geeft.

2.Hoe belangrijk is het om er modieus uit te zien?

Sportkleding is in de loop der jaren steeds modieuzer geworden. Droegen we het vroeger met schaamte op straat en alleen op de sportvelden, nu zien we steeds vaker dat sportkleding ook als vrijetijdskleding wordt gebruikt. Niet zo gek als je kijkt naar het huidige aanbod. Sportkleding is er nu in alle soorten, maten en stijlen. Als gevolg hiervan was het nog nooit zo eenvoudig om er modieus uit te zien. Maar hoe belangrijk is het voor jou? Ben je op zoek naar functionele kleding of wil je de mode bijblijven? Hoe zit het met een combinatie van beide? Alles is mogelijk!

3.Kies de juiste maat.

Bij het kopen van sportkleding is het, zoals bij elk kledingstuk, belangrijk om de juiste maat te kiezen. Sportkleding die te strak zit, kan de training belemmeren of hinderen. Kleding die te wijd is, kan lastig zijn en moeite geven om goed te bewegen zonder te struikelen.Ga nooit uit van uw standaardmaat, probeer ook andere maten. De afmetingen kunnen immers variëren afhankelijk van het merk en product. Koop je sportkleding online? Bestel dan andere maten en pas thuis op je gemak aan. Zo kun je zelf zien welke maat het beste past. Minder geschikte kleding kan doorgaans kosteloos worden geretourneerd. Controleer echter eerst de voorwaarden om onaangename verrassingen te voorkomen.

Welke onderdelen heeft atletiek?

Atletiek heeft verschillende componenten: rennen, springen en gooien. Daarnaast is er rondom en kan men onderscheid maken tussen binnen-, buiten- en wegatletiek.

Kogelstoten

Bij kogelstoten is de startpositie met de rug naar de werprichting. Ze maken een glijdende beweging binnen een cirkel of gebruiken een draaiende techniek om vervolgens de kogel uit de nek te gooien. De volwassen mannen gooien ongeveer 23 meter afstand met een kogel van ruim 7,25 kg. De volwassen vrouwen gooien vanaf een afstand van 22 meter een kogel van 4,0 kg.


Discuswerpen

De discuswerper is algemeen bekend als een symbool van oude Griekse spelen. Dit deel wordt in atletiek pas vanaf de junioren beoefend. Het is een kunst om de schijf na anderhalve omwenteling van de schijfring op de juiste manier weg te gooien. Techniek, kracht en een goede lichaamsbeheersing zijn voorwaarden om in deze sectie uit te blinken.


Speerwerpen

Het deel van het speerwerpen gebruikt de startbaan om snelheid te ontwikkelen voordat de speer boven het hoofd wordt gegooid. Bij het werpen van de speer moet de werper ervoor zorgen dat de speer niet te verticaal staat, maar ook niet te laag.
Dit deel wordt ook alleen door junioren beoefend. Bij de pupillen wordt er eerst met een bal geoefend. Dit is dus de voorloper van het speerwerpen. Er worden nu veel vortexballen (raketballen) gegooid.

Springen

Verspringen

Verspringen is een atletiekwedstrijd waarbij verschillende hulpmiddelen worden gebruikt: een startrun, een startbalk en een zandbak. De basis: ren zo snel als je kunt en verander die snelheidmrt een explosieve start door de lucht. Met wereldrecords van bijna 9 meter voor mannen en 8 meter voor vrouwen kun je bijna spreken van vliegende atleten.


Hoogspringen

Door de eeuwen heen zijn er veel verschillende technieken gebruikt voor hoge sprongen: schaar, voeten naar voren, westerse rol en hoogspringen. De flop, de sprong waardoor je over de lat springt, werd in 1968 geïntroduceerd met de introductie van de landingsmat. Deze techniek wordt sinds 1978 eigenlijk door alle hoogspringers gebruikt. Het wereldrecord voor mannen is 2,45 m, het wereldrecord voor vrouwen is 2,09 m.


Hinkstap sprong

Het hinkstapspringen, ook wel hinkstapspringen of hinkstapspringen genoemd, is een discipline in de atletiek. De titel beschrijft de verschillende activiteiten die de atleet achter elkaar moet uitvoeren. Na de aanloop en uitloop moet de atleet eerst op dezelfde voet landen als bij de start (jump-jump). Daarna zet de atleet een stap die hem op het tweede been moet zetten. Ten slotte maakt de atleet een sprong en landt hij in de zandbak.

Dit deel wordt vaak alleen beoefend door senior junioren. Er is tegenwoordig ook een voorloper van het hinkstapspringen, namelijk step-step-jump. Hier vervalt de sprong, maar zo kunnen jonge junioren al in ritme trainen.


Polsstokhoogspringen

Bij polsstokhoogspringen proberen ze met een flexibele stok zo hoog mogelijk over de lat te springen. De atleet valt uiteindelijk op een grote mat.

Het polsstokhoogspringen is in de loop der jaren geëvolueerd. Verbeteringen in het gebruikte materiaal verbeterden de prestaties aanzienlijk: de eerste polssticks waren gemaakt van hout, daarna bamboe, dan aluminium en nu koolstofvezel.

Polsstokhoogspringen wordt beoefend vanaf senior junioren.

Looponderdelen

Sprint

De sprint begint vanaf het startblok. Alle afstanden die starten vanaf het startblok zijn sprint. Dit geldt voor afstanden van 100 tot 400 m. Voor schoolkinderen en junioren wordt de sprint gehouden op een afstand korter dan 100 m, namelijk 40 m, 60 m en 80 m.

Bij de start zijn er drie opeenvolgende momenten om de sporter klaar te zetten: op je plaats, waar de atleten met hun blok zitten. Dan roept de starter “klaar”, waarna de atleten de startposities innemen. Beide knieën zijn van de grond en de atleten gaan rennen bij de knal van het startpistool.


Hordelopen

Bij hindernissen is het belangrijkste om het obstakel te overwinnen. Maar het is ook belangrijk dat atleten tussen horden door accelereren. Het is dus gemakkelijk als je goed kunt rennen met obstakels. Mannen overwinnen hindernissen met een hoogte van 1,07 m. Vrouwen overwinnen hindernissen met een hoogte van 0,84 m.

Hordelopen wordt beoefend vanaf de junioren.


Gemiddelde afstand

De gemiddelde afstanden zijn 800 m en 1500 m. 800 m is de kortste gemiddelde afstand in de atletiek. Op deze afstand zijn tegelijkertijd een goede basissnelheid en een goed uithoudingsvermogen vereist.
De maximale afstand voor pupillen is 1000 meter.

Lange afstand

Lange afstand is een afstand van meer dan 1500 meter. Tot 10.000 m inclusief – atletiek op het veld en op de weg. De overige afstanden boven de 10.000 m worden over de weg afgelegd.

Estafette

De estafette is het enige onderdeel van atletiek dat in teamverband wordt uitgevoerd. Net als in de sprint heeft de estafette verschillende afstanden. Het estafetteteam bestaat uit vier lopers. Het is de bedoeling van de lopers om het stokje door te geven zonder het te laten vallen. Lopers hebben ook maar 20 meter om van stokje te wisselen. Dit wordt een wisselvak genoemd.


Zevenkamp

Meerkamp is een tweedaagse wedstrijd. In twee dagen voltooiden de mannen 10 onderdelen. Vrouwen voltooien 7 delen in twee dagen. Meerkampers moeten zeer veelzijdig zijn, aangezien ze het op veel verschillende gebieden goed moeten doen.

Kamp 10 bestaat uit: hardlopen van 110 m horden, 100 m, verspringen, kogelstoten, hoogspringen 400 m, schijf, pols, speer en laatste 1500 m.

Kamp 7 bestaat uit: 100m horden, verspringen, kogelstoten, 200m hoogspringen, speerwerpen en 800m finale.